Zondag stonden ik aan mijn vader terug aan de start van een duatlon. Ikzelf nam deel aan het junioren kampioenschap voor het departement ‘Le Nord’. Niki nam deel bij de open volwassen wedstrijd 5 minuten later over dezelfde afstanden.
Eens iets anders
De wedstrijdformule was wat anders dan gewoonlijk. We moesten namelijk 4 keer wisselen in plaats van de gewoonlijke 2 wissels. We moesten 2,7km lopen, 8,3km fietsen, 2,7km lopen, 8,3km fietsen en dan nog eens 2,7km lopen.
Ikzelf wist niet wat ik moest verwachten van de wedstrijd en had ook geen idee van welk niveau ik zou kunnen behalen. De dagen voor de wedstrijd hadden we ons ook niet ingehouden om door te trainen waardoor we niet volledig fris aan de start stonden. Ikzelf kom ook uit een redelijk diepe put waardoor vooral mijn lopen niet zover staat als ik zou hebben gewild. Hierdoor heb ik beslist om in het eerste lopen af te wachten en aan te voelen hoe goed ik meekon. Ik liep laatste in een kopgroep van 5 en voelde dat ik goed meekon. Na een kilometer begonnen de meeste al wat te plooien en liep 1 iemand weg van de kopgroep. Ikzelf kon het gat alleen wat dichtlopen op hem.

Sterk op de fiets
Hij kwam enkele seconden voor mij de wissel uit, maar na 4 opeenvolgende bochten had ik het gat al kunnen dichten. Het fietsen bestond uit 3 ronden waarbij we op een baan heen en terug moesten. Aan de ene kant was het draaien rond een kegel en aan de andere kant was het draaien op een parking waarbij er enkele bochten kort achter elkaar waren. Het parcours stelde dus niets voor en van hoogtemeters was er ook geen sprake. Het eerste fietsen besloot ik bij hem te blijven zodat we samen rond konden draaien, maar ik voelde al snel dat ik veel beter was op de fiets, zelfs in de enkele bochten die in het parcours zaten merkte ik dat hij moeite had om mij te volgen. We kwamen samen de wissel binnen om het tweede lopen in te zetten.

Een solootje met de SOLO
Het tweede lopen liep ik al snel weg van mijn concurrent. Hij bleef heel even aanhangen, maar moest mij al snel laten gaan. al snel had ik een voorsprong van meer dan 15 seconden. Deze voorsprong kon ik behouden om het tweede fietsnummer in te zetten. Op de fiets wist ik al dat ik mijn voorsprong nog zou kunnen vergroten en dat deed ik dan ook. Iedere ronde zag ik dat hij verder en verder achter kwam. Het laatste lopen kon ik met een relatief gerust gevoel inzetten. Ik liep nog goed en viel niet meer stil.


Ik werd 1ste met een voorsprong van 1min48sec op mijn concurrent. Niki werd 16 de algemeen en 7de master.






Een reactie achterlaten